Posts tonen met het label Godsargumenten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Godsargumenten. Alle posts tonen

maandag 4 maart 2019

'En God en alles wat het verstand te boven gaat'

Ik heb me al jaren behoorlijk afgekeerd van wat ik maar het "Gods enthousiasme" noem. Ik ben niet overtuigt van een Godsbestaan. Mensen kunnen er eindeloos over door redeneren, waarom is God zo belangrijk? Het is een soortgelijke vraag van, waarom zoekt iemand naar een stuk goud in de stenenhopen. Stenenhopen zijn er massaal, maar wat je zoekt, is een heel bijzonder soort steen, die opvalt door bijzondere eigenschappen, het heeft een bijzondere schoonheid, het schittert, het is zeldzaam, het is daarom kostbaar.

Krishnamurti zet je meteen met de voeten op de begane grond:
zoals in dit filmpje: Does God exist?

Heeft God de mens gecreëerd, of heeft de mens God gecreëerd, is eigenlijk al bijna een voor de hand liggende vraag. De gedachte heeft God gecreëerd en vervolgens is de gedachte God gaan verheerlijken, zegt Krishnamurti. Maar wat voor onderscheid heeft het gemaakt voor de realiteit van het bestaan, zegt hij er kritisch bij. Neem even het idee aan, dat God bestaat, om het even welke invulling je dat geeft, welke eigenschappen je het toekent, en wat voor "offers" je ervoor moet brengen, de realiteit is altijd dezelfde realiteit.
Als men redelijk is moet men erkennen, dat God niets verandert aan de realiteit, noch aan die van jouw of die van mij noch aan die van de wereld zelf.
Als God niets verandert, wat maakt het eigenlijk dan nog voor verschil, of er iets als God bestaat?

Religies en georganiseerde godsdiensten hebben blijkens alle feiten de mens niet fundamenteel verandert.
Geloof stelt niks voor, miljoenen mensen geloven ergens in, maar al dat geloven heeft nog nooit iets fundamenteel verandert aan de wereld.
Sommigen zouden zelfs menen, dat als God verantwoordelijk was/is voor deze realiteit, God een monster is. Zou er een universeel monster kunnen bestaan, dat we verwisselen met een volmaakte goedheid?

Goed, ik laat even gewoon mijn gedachten gaan. Het is immers niet uitgesloten dat er een God bestaat die het ultieme kwaad in zichzelf is.
Maar nogmaals terug naar de aanvang: Waarom is God en geloof zo belangrijk voor veel mensen?

Je zit in je bestaan gevangen, je zit zowel gevangen in het massabestaan, de wereld waarin je fysiek bent geboren, in je fysieke belemmeringen, want je fysiek bestaan is behoorlijk onperfect - je hebt een complete mechanische wereld nodig gehad, om je enkel fysiek beter te behelpen. (De uitwassen van economie die uiteindelijk onze ecologische wereld om zeep helpen.) Je ziet hoe de wereld in de val verkeert van hebberigheid, zelfzucht en hoe onverschillig mensen alles om zich heen vertrappen. Je vraagt je af, of er iets kan bestaan, wat deze totale menselijke onvolkomenheden overstijgt, goed is niet goed genoeg, we vragen ons af of er iets bestaat wat volkomen is. Iets dat alle eigenschappen die wij bij onszelf hoog in waarde schatten, zoals goedheid/onbaatzuchtigheid/liefde en compassie, en ons verlangen naar meer compleetheid/volledigheid, of dit alles kan bestaan in een wezen, dat dit alles in zichzelf heeft verenigt in volkomenheid.

Geloof in God heeft daarom een bepaalt belang, niet zonder reden zijn mensen daar hun leven lang mee bezig. Vullen er complete blogs mee. Nadat we alle eigenschappen die wijzelf belangrijk vinden, toepassen op een aard opperwezen, gaan we dat opperwezen op een standaard zetten -een verhoging- en het vervolgens aanbidden, en bezingen. Fundamenteel verandert dat niets aan ons bestaan, enkel een vorm van persoonlijke vertroosting.

"God" is eigenlijk ontstaan uit een diepgaande onvrede die we ervaren met onszelf en het bestaan, ook de wereld buiten je bevalt niet echt.. bovendien herkennen mensen hun vergankelijkheid.

Je hoopt in een Wezen, dat dit alles kan opheffen, teniet maken, waarin alles eigenlijk "goed komt".
In God komt alles als het ware goed.

Door alle eigenschappen die mensen hun goden toekennen, en let wel alleen mensen kennen goden eigenschappen toe, (dieren hebben geen enkel godsbesef, ze leven in feite realistischer dan mensen)
worden goden van ongelofelijke (aanbiddenswaardige) waarde.
Er moeten dieren worden opgeofferd aan goden, goden houden blijkbaar van bloedoffers, en weerzinwekkende rituelen - Per slot kun je afvragen, wat er dan fout zou kunnen zijn aan het geloven in God of goden?

Mijns inziens vormen al de goden die alle zonder uitzondering verzinsels zijn van mensen, een directe uitvlucht uit het enige wat realiteit is. God neemt "jouw zonden weg" en al zulks meer. Natuurlijk verandert al het geloof van mensen niks aan de werkelijkheid. Alles is wat het "IS".

Waarom zou je niet mogen geloven in een Almachtig Wezen? Ik zit vooral met het 'werkwoord',
'werkt dat geloven'? Doet het iets? Verandert het iets? Maakt het de wereld béter?

Krishnamurti vraagt zich af, of er iets bestaat wat niet door denken is geschapen, en derhalve tijdloos,
iets dat volgens hem heilig is, omdat het geen creatie is van denken. (Feitelijk kun je daar ook niet meer over nadenken, noch kun je het verder benoemen.)


De mens ervaart zichzelf in een leeg universum, zonder houvast, hij kijkt in een angstige diepte, hij zoekt een tak, iets om zich aan vast te grijpen, de wetenschap biedt geen enkel antwoord, de wetenschap doet niet aan 'zins-vragen' / hij vraagt zich vertwijfeld af of hij het kwade resultaat is van een zinloos universum?

Zelfs de Humanist heeft maar een 'karig' antwoord, ZIN schep je zelf, met je leven en je daden, zonder dat je bestaan een diepere grond heeft, je bent slechts een verder 'ongeluk'. Anderzijds, het gegeven dat je bestaat zonder een diepere achtergrond (omdat een God daar een speciale bedoeling mee had) maakt je ook vrij. Je zit niet geketend in een angstwekkend idee van een macht, en een eventuele eeuwige hel.....

vrijdag 19 oktober 2018

God is het hoogst denkbare..

In God en orde een stukje van Jan Riemersma.

God is het hoogst denkbare, althans deze zinsnede heeft de auteur er naderhand uitgenomen. (Dat mag natuurlijk, doe ik ook veelal, voordat ik iets definitief laat staan.) Toch is het een belangrijke zinsnede, want voor veel mensen is God inderdaad het hoogst denkbare. De kwestie is daarom, heeft het hoogst denkbare slechts een "denkbare" inhoud? Na duizenden jaren religie en religieuze overtuigingen ben ik daar vrijwel zeker van. Het hoogst denkbare is niet meer dan een gedachte constructie. Wanneer er iets bestaat, dat boven het hoogst denkbare uitstijgt, wat in het geheel niet via methodes van denken is te begrijpen en te bevatten, heb je geen mogelijkheid -beter geen instrument wat het denken is- om daarachter te komen.

Maar voornamelijk doet de auteur iets anders in
dit stukje, wat zich uit in deze zin: "God en orde zijn twee grootheden waartussen geen onmiddellijk verband bestaat." Ik meen dat ook dit teneinde uitgaat van enkel een overtuiging. De naturalist kan er 100 procent van overtuigd zijn dat God geen rol speelde in de natuurlijke/en kosmische orde, de preciesheid en nauwkeurigheid waaruit alles tot stand kwam, en in het algeheel wonderlijke spel van het leven zelf (ikzelf blijf verbaast over de wonderbaarlijkheid van het kleurrijke bestaan) , maar hij kan het niet bewijzen.
Je kunt niet bewijzen dat het ganse bestaan geen andere bron nodig had, (een noodzakelijke andere bron volgens sommige godsfilosofen). Of een andere bron inderdaad noodzakelijk was, kun je evenmin bewijzen - voor de duidelijkheid.

Je kunt ook niet volharden in het idee, dat God mogelijk dusdanig buiten elk begrip van mensen bestaat, zo hoeft God helemaal geen "logisch wezen" te zijn, dat God om die reden geen deel had aan de logische werkelijkheid. Waarom zou God niet tegelijk een logisch wezen kunnen zijn die een logische oorzaak zou kunnen zijn achter een even zo logische wereld, terwijl hij tezelfdertijd het 'helemaal andere is'?
Soms begrijp ik door mensen opgestelde paradoxen niet, die geen paradoxen hoeven te zijn.

God is, als God bestaat, het 'helemaal andere', het gaat boven het hoogst denkbare uit, het hoogst denkbare dat zich duizenden jaren in religies heeft gekenmerkt in zoveel oorlog en ellende. Omdat men het "menselijk facet" van zulke godheden niet kon uitbannen, de God der wrake bijvoorbeeld.

God zou in een absurde werkelijkheid kunnen bestaan, mogelijk afzijdig van de ons gekende werkelijkheid, maar deze boedelscheiding is niet noodzakelijk. Bovendien vraag je je af, wat een dergelijke "exotische" godheid nog zou kunnen betekenen voor de wereld? Hij bestaat dan als het ware in zijn eigen transcendentie, en heeft geen enkele band met de fysieke realiteit.

Tenzij onze fysieke realiteit is opgedeeld uit verschillende lagen, waarvan er een transcendentaal is, ook hier zie ik geen weerspraak. God zou zich vanuit zijn transcendentie zeer wel kunnen 'bemoeien' met onze fysieke realiteit.

Hoewel het evolutiedenken heden allesoverheersend is, (en ikzelf geloof zonder meer in evolutie) , sluit het niet uit, dat er een andere bron bij is betrokken, de naturalist kan eenvoudigweg niet bewijzen dat dit 'niet' het geval is. Ik ben nog altijd gefascineerd door de schoonheid en de complexiteit, en heb eigenlijk áltijd een beetje bewtijfeld of je dat kunt verklaren door enkel wat toevalsprincipes aan te voeren. Natuurkundigen hebben het over de ongelofelijke fijnafstemming van het heelal, steeds meer vraagt men zich af of dit allemaal "zichzelf" heeft kunnen bedenken ofwel uitvoeren.
Niemand kan bewijzen, dat de werkelijkheid 'uitsluitend' natuurlijk is. Atheïsten hebben het vaak over 99 komma 99 procent van iets, maar dat is allemaal grootdoenerij. Ik beschouw het eerder als een blijvend midden, van we weten het gewoonweg niet.

God kan zich manifesteren in een logische wereld zonder zelf een logisch wezen te zijn, ik zie geen tegenspraak. God zou een vierkant en een cirkel gelijk kunnen maken, maar de mens zou ofwel een vierkant ofwel een cirkel herkennen.....................

maandag 15 oktober 2018

'Bestaat de Godspot'

Donald Hoffman in  Closer To Truth heeft het over de zogeheten "God spot" in het brein. Deze bewering van 'Godspots' wordt echter weersproken door bevindingen. Hierover 'Dit' stukje dat zegt (Vertaald) :
"Het menselijk brein bevat geen enkele "Godspot" die verantwoordelijk is voor mystieke en religieuze ervaringen, vindt een nieuwe studie.
In plaats daarvan houdt het gevoel van eenheid met God of iets groters dan het zelf dat vaak wordt beschreven door diegenen die dergelijke ervaringen hebben ondergaan, de rekrutering en activering van verschillende hersenregio's die normaal gesproken betrokken zijn bij verschillende functies zoals zelfbewustzijn, emotie en lichaamsrepresentatie.
De bevinding, gedetailleerd in de huidige uitgave van Neuroscience Letters , is in tegenspraak met eerdere suggesties van andere onderzoekers dat er misschien een specifieke regio in de hersenen is die is ontworpen voor communicatie met God.
Wat het betekent
"Het belangrijkste doel van de studie was om de neurale correlaten van een mystieke ervaring te identificeren," zei studieleider Mario Beauregard van de Universiteit van Montreal in Canada. "Dit doet niets af aan de betekenis en waarde van een dergelijke ervaring, en evenmin bevestigt of ontkracht het het bestaan ​​van God."
In de studie hadden 15 klooster-Karmelieten nonnen, variërend in leeftijd van 23 tot 64, hun hersens gescand terwijl ze gevraagd werden om de meest intense mystieke ervaring opnieuw te beleven die ze ooit als leden van de religieuze orde hadden gehad.
Aan de nonnen werd niet gevraagd om tijdens het experiment een staat van spirituele eenheid met God te bereiken, omdat, zoals de nonnen het formuleerden: "God kan niet naar believen worden opgeroepen." 
Vreugde en liefde 
Desalniettemin zijn de onderzoekers van mening dat hun methode gerechtvaardigd was omdat eerdere studies hebben aangetoond dat actoren die worden gevraagd om een ​​bepaalde staat binnen te gaan, dezelfde hersengebieden activeren als mensen die emoties daadwerkelijk ervaren.
Als controle kregen de nonnen de opdracht om de meest intense staat van vereniging opnieuw te beleven met een ander mens die ze ooit in hun leven hadden gevoeld terwijl ze in de karmelieten waren.
De studie toonde aan dat mystieke ervaringen tegelijkertijd meer dan een dozijn verschillende delen van de hersenen activeren. Een van de regio's, de caudate nucleus (zie hier) genaamd, is betrokken geweest bij positieve emoties zoals geluk, romantische liefde en moederliefde.
De onderzoekers speculeren dat activering van dit hersengebied tijdens mystieke ervaringen gerelateerd is aan de gevoelens van vreugde en onvoorwaardelijke liefde die de nonnen beschreven."
Wat dit nu precies betekent? .. het schijnt niet zeer buitengewoon, dat hersenen de ontvangers zijn ook bij mystieke ervaringen, er moet wel een overdracht plaats vinden, via de hersenen en de emoties. Dezelfde type emoties worden ervaren bij andere vormen van geluk, die trouwens ook voorkomen bij dieren (die dezelfde hersengebiedjes hebben.)

Feitelijk zegt het niets over wel/of/geen externe bron, buiten het brein, dat een dergelijke ervaring prikkelt.

Donald Hoffman - Can Religion Survive Science?  :
 

vrijdag 12 oktober 2018

'Meester Útsjoch'

Enkele citaten uit het blog van Jan Auke Riemersma, ook wel Wider Útsjoch (Wijder uitzicht) over zij recente stukje: Floris van den Berg  (De olijke atheïst) :
'Voorts is het (vermoedelijk) waar dat mensen maar al te graag in God willen geloven. Het is klaarblijkelijk troostrijk om in God te geloven. Het geloof is toch een soort van wensdenken. De atheïst E.M. Cioran -die een veel betere stilist is dan van den Berg, overigens- noemde God ooit ‘de beste uitvinding van de mens’. Het is echter de vraag of het irrationeel is om in dingen te geloven die het bestaan verrijken. Van den Berg ontdoet zich nogal handig van deze vraag. ‘Je mag eenvoudigweg niet in sprookjes geloven; het is irrationeel om in onware dingen te geloven.
Dat vraag ik me af. Een van de sprookjes waar mensen volgens John Gray graag in geloven is dat de wereld ‘maakbaar’ is. Ook van den Berg gelooft in dit ‘sprookje’. Hij ziet alle problemen verdwijnen als we allemaal stoppen met vlees eten en ons bekeren tot het liberalisme (zo heb ik ook nog wel een lijstje met wensen voor een betere wereld: we moeten allemaal de auto laten staan, we zouden niet meer mogen vliegen, we moeten rapmuziek en hiphop verbieden [eigenlijk alle popmuziek: alleen een muzikant die conservatorium heeft gedaan mag een instrument bespelen] en we moeten allemaal veel stiller zijn dan nu). Het is werkelijk de vraag of van den Bergs zienswijze rationeel is. Wie een betere wereld wenst zal in ieder geval rekening moeten houden met de weerbarstige natuur van de mens.'
Bovendien geloof ik er niets van dat de rede van de mens een voldoende krachtig instrument is om er wereldwijde problemen mee op te lossen. Het geloof in de rede is zelf irrationeel.'
Deze gedachtegang kun je wel beamen, en is mooi opgezet door DLT (de-lachende-theoloog).
Wat ik niet direct begrijp is, de zekere paradox die misschien ongewild opkomt, ten eerste is dat de vraag of God of een ander aard opperwezen wél iets doet, om de wereld beter te maken, en daar is geen bewijs voor te vinden. Het andere is, dat het beter proberen te maken van de wereld aan de mens is, aan wie anders zou het kunnen zijn gegeven? De kwestie, of de mens daartoe in staat is, mag gerust worden betwijfeld.
Doch wel of niet geloof in God en het pogen aan je eigen "menselijkheid" te werken, hoeven niet in strijd te zijn. Of je moet op een eenzame berg ergens in de woestijn gaan zitten en net zo lang wachten, totdat God of ander opperwezen, iets aan je situatie verandert, want je sterft langzaam een hongerdood.

Daarentegen is wat J.R. wil zeggen waarschijnlijk dat atheïsten en andere mensen die zich hoofdzakelijk laten drijven door hun (zogeheten) ratio, - want hoe rationeel is een mens eigenlijk, dat zegt Wider Útsjoch met deze zin:
"Je hoeft maar één gedachte in het brein van een mens aan te treffen die niet rijmt met zijn andere denkbeelden of zijn gehele zienswijze is al in-consistent." (er bestaat feitelijk geen mens, die in zichzelf geen tegendraadsheid heeft, dit zegt en dat doet.) -

Ratio is het hedendaagse "toverwoord" zou je kunnen beamen, je zou dat ook een vorm kunnen noemen van wensdenken of geloof.

Hij noemt onder andere ook Peter Singer, Peter Singer heeft het in een boek The better anels of our nature over zijn voorstellingen van een betere wereld. Hij meent dat de mensen geleidelijk 'betere mensen' zijn en reeds zijn geworden. Waaruit concludeert hij dat, bijvoorbeeld uit de afschaffing van de slavernij, of aan de tijdperiode van twee wereldoorlogen en de tijd nadien van zoveel jaar redelijke wereldvrede. (Dat was nog een topic van Gert Korthof.)

Dat lijkt mij overigens ook veel op een geloof of wensdenken, vrede is per slot geen uiterlijke maar een innerlijke eigenschap van elk mens. de uiterlijke wereldsituatie zegt eigenlijk niks over de enige evolutie die zich enkel in de mens kan voltrekken, daar begint vrede en geweldloosheid. Veel mensen beschouwen vrede als een dunne schil van menselijke beschaving, die zó weer omver kan vallen, als het economisch terugloopt of wanneer zich rampen voltrekken. Er duidt weinig op, wanneer je de wereldwijde agressies wat volgt, dat de wereld daadwerkelijk een beter wereld is geworden.

Maar ook dat stamt vanuit het atheïsme van Singers en Floris van den Berg als een zeker resultaat van "de menselijke rede". Doch hoe redelijk is de mens?

Op het slot zal het echter uitsluitend aan de mens liggen, hoe het bestaan eruit ziet, het geloof in God beschouw ik niet als een zinvol alternatief, want alles lijkt erop dat deze God nog nooit in de wereldgeschiedenis ook maar "iets" heeft gedaan wat de diepe wereld ellende tegemoet kwam...

 

vrijdag 7 september 2018

In God aanbidt de mens zichzelf

De filosoof Krishnamurti noemde (het geloof in) God herhaalde malen in zijn vele toespraken een uitvinding van de mens. Vervolgens, zo zegt hij, gaat de mens zijn eigen uitvinding aanbidden. Dit lijkt mij sterk evenredig de waarheid aangaande een godsbestaan. Niet alleen heeft de mens God uitgevonden om de verschillende goden vervolgens te aanbidden, wie verder kijkt ziet, dat God in feite de afgod is van de mens zelf. De mens vindt zichzelf zo uitzinnig groot dat hij zichzelf tot God heeft verheven. Vervolgens aanbidt de mens zichzelf.

Wanneer er iets zou bestaan als God dan is er geen enkele reden dat God ook maar iets mensengelijkends zou hebben of bezitten aan eigenschappen. We zouden gewoonweg niet weten waarover we het hebben, een wezen of een macht of een persoonlijke zij het onpersoonlijke kracht. Het verpersoonlijken van een dergelijke 'macht' komt dan al weer behoorlijk na bij mensengelijk. God bezit menselijke kenmerken en eigenschappen, is blijkbaar een zeer emotioneel en strijdig wezen, die dan blij en dan kwaad en toornig is en jaloers en zo hebben mensen het allemaal bij elkaar verzonnen (om feitelijk zichzelf te verafgoden.)

De mens maakt een kopie van zichzelf, en plaatst dat kopie boven zichzelf als ware het verschillend van hemzelf, de kopie moet wel bovenmenselijke eigenschappen bezitten, om de mens te kunnen redden. Blijkbaar is dit idee voortgekomen uit de vrees dat we ons als mensen toch eigenlijk maar zeer onmachtig voelen. Anderzijds verheerlijken we in God onszelf. Want God is een kopie van ons, met enkel wat bovenmenselijke vermogens.

In Indische en andere oude religies, bestonden goden ook weleens uit dierensymbolen, of natuursymbolen. Je zoekt een godsidee dat dicht staat bij de mens, daarom maken we er liever een aard mens van. God schiep ons naar zijn evenbeeld en gelijkenis begint reeds de bijbel. Waarom zou de mens in evenbeeld en gelijkenis van God moeten zijn gecreëerd? Is dat niet eerder een verlaging van het ware dat God dan zou moeten zijn?

In tegenstelling tot de radicale atheïst sta ik meer agnostisch in leven. Ik zeg niet dat God niet bestaat, maar wel dat Krishnamurti gelijk heeft, de mens heeft God verzonnen. Dat lijkt strijdig, wat ik echter bedoel is dat we niet weten wat dat dan zou moeten zijn, dit vage idee van een superieure macht.

Wanneer je het allemaal zo gadeslaat, de wereld en de grootsheid van al het bestaande, de oneindige kosmos, de miljarden sterren, ontkom je bijna niet aan een gevoel van er moet iets zijn. Maar meer dan dit "iets" kun je niet weten. Wil je echter een goed georganiseerde religie creëren, dan vallen zulke 'vage ideeën van er moet iets zijn' in het niet, het heeft geen echt fundament. Daarom hebben mensen talloze invullingen gegeven aan dit vage iets. (Elk idee moet een aard georganiseerde stichting worden en een eigen plek krijgen.)

God is de afgod van de wereld, en van elke religie.

Jiddu Krishnamurti zou je als atheïst kunnen omschrijven, maar dat was hij niet, hij heeft zich nooit zo genoemd. Hij zei dingen zoals: 'Zoek je ergens een leuke stok, zet die op een altaar, zet er kaarsen en bloemen omheen,  en ga het aanbidden. Je zult merken dat de stok over een tijd een bepaalde heiligheid verkrijgt.' Elke beeltenis die je tegenkomt in kerk of godshuisje is per slot gemaakt van steen of van hout. Maar als je het omvormt tot een mensengedaante gekleed in een mooi gewaad, krijgt het iets heiligs. (Daarom zul je een doodgewoon stukje hout niet meteen gaan aanbidden.) Dat wilde niet zeggen dat Krishnamurti niet de vraag opwierp, of er iets bestond in het bestaan dat werkelijk heilig was, onaangeraakt, onaangetast.

De religieuze paden die zoveel mensen al duizenden jaren bewandelen zijn alles behalve onaangetast, ze zijn doorlopen met geweld en bloed, met religieuze oorlogen, met schijnheiligheid en ijdele ambten en hiërarchie. En tal van bijgelovige rituelen. Iets wat onaangeraakt is, is eigenlijk ook onvindbaar, 'het vindende denken' kan het nooit raken. Het blijft dan bij een vaag vermoeden.

Zelfs bij zogeheten Godservaringen, waarvan bepaalde mensen claimen dat ze die hebben ervaren, kun je niet weten, wat dat te doen heeft met het onbekende : want hoe kun je weten of iets God is?
De intensiteit van een ervaring zegt niks over het vage idee van er is iets. Eerder zoek je overeenkomsten, als je stelt dat God opperste liefde is en je hebt een ervaring van "liefde" zeg je dat je een Godservaring had. Dat geldt ook voor mystieke ervaringen.

Iets wat onbesmet is, onaangeraakt en onaangetast, is feitelijk nog nooit beschreven en kan niet eens worden beschreven / terwijl dat wat wél is beschreven "dit" niet kan zijn.

Als men al van dat vage vermoeden zou uitgaan dat er achter/of in de kosmos iets is, dat alles wat de mens maar kan bevatten, te boven gaat, dan moet je van alle religies en religieuze overtuigingen afstappen. Dat is allemaal mensenwerk.. 
  

dinsdag 14 augustus 2018

'Is Jesus "Unworthy of the Universe"? | Richard Dawkins vs John Lennox'

Richard Dawkins die zichzelf een bijster rationeel broodnuchter mens acht, en die zoals velen, de wetenschap zelf heeft verheven tot goddelijke status, in gesprek met John Lennox, en hij kan het van John Lennox niet winnen. Dawkins voert al jarenlang wie heeft gelijk spelletjes en hoopt met zijn - doorgaans voor een publiek vermakelijke - argumentatie de zinloosheid kinderlijkheid en achterlijkheid van geloof telkens onderuit te halen. Dat is al jaren de missie van Dawkins.
 
Maar Lennox geeft even zo rationele nuchtere antwoorden, het meest nuchtere antwoord/tevens vraag op de 'zin van het bestaan van God' is, wat is het alternatief? Je leeft in een wereld die gebroken is en boordevol ongerechtigheid (Lennox) .. de enige hoop is een vorm van 'ultieme gerechtigheid'. De ratio van Dawkins slaat bijna een wonde in het menselijk bestaan, niet omdat hij gelijk zou hebben, waar hij zegt 'en als dat er allemaal niet is, geen hoop en geen zin?' De mens zit zo niet in elkaar. God is een rationele hoop, juist in de wanhoop van de mens. Wanneer je geen brood hebt te eten, zal je elke kruimel aannemen die iemand je biedt. (Of zul je zeggen, die kruimel houdt me ook niet aan leven?)

Een bijzondere opmerking van Lennox is, dat we leven in een moreel universum. Dit moreel universum gaat echter volledig tegen de "ratio" in van menige atheïst, die begint ogenblikkelijk te donderjagen over het lijden en de onrechtvaardigheid overal, en de ongelijkheid van het menselijk bestaan, wat de ene teveel krijgt heeft de ander te weinig, et cetera. Maar stel dat we juist daarom leven in een moreel universum.
Omdat er zoveel tegenstrijdigheden bestaan, biedt het bestaan talloze mogelijkheden om juist een morele geest te ontwikkelen.
Je ziet wat er allemaal fout is, je wendt je kwaad af van foute zaken, wreedheid en oneerlijkheid veroorzaken de nodige wrijving in je morele geweten.
Daardoor besef je hoe het bestaan er nu juist wél zou moeten uitzien.

De ultieme menselijke vrijheid is die die we elke dag ervaren. Zou je God ook maar op een manier voorstellen, die deze vrijheid / zelfs die om kwaad te doen, zou belemmeren, dan zou dat een tirannieke God zijn. Alleen tirannen ontnemen mensen hun vrijheid. (Alleen de mens kan zichzelf verheffen boven het kwaad.)

Maar - nogmaals Lennox - wat is het alternatief? Kunnen we volgens Dawkins beter collectief zelfmoord plegen? Want bestaan is van nul en generlei waarde, en niemand geeft een moer om jouw of mij.
Daarom is, in tegenstelling tot de rationalisten, hoe wonderbaarlijk / het een absoluut rationele keus, om je een God of een goddelijkheid voor te stellen, om te geloven in meer en iets hogers.

In het zinloze universum van Dawkins is het alleen maar ijskoud, alles is er totaal onverschillig, ingrediënten en grillen van de natuur, wie wil er leven in dat universum?
Maar dat is de toon van de ratio :

 


 
Noot: John C. Lennox is een Brits wiskundige, professor aan de Universiteit van Oxford en emeritus Fellow in de wiskunde en wetenschapsfilosofie aan het Green Templeton College. Lennox is een autoriteit op het gebied van de relatie tussen geloof en wetenschap. Hij ziet geen conflict tussen moderne wetenschap en de Bijbel. Als christen en wetenschapper gaat hij regelmatig in debat met bekende atheïsten zoals Richard Dawkins, Christopher Hitchens, Peter Singer en Peter Atkins.


zaterdag 25 november 2017

Does God Make Sense? (Closer to Truth - Season 1, Episode 1)

De serie Closer To Truth blijft een van de betere 'luister series', gepresenteerd door ‎ Robert Lawrence Kuhn : De serie neemt een sceptische middenpositie in, in de kritische zoektochten en vraagstellingen van Kuhn zelf (die hiernaast nog een zakenman is.) Terwijl Kuhn de vraag naar het wel of niet, of mógelijk bestaan van God voorlegt aan Daniel Dennett, die ik welhaast god zelf placht te noemen - de God van de rede weliswaar - met zijn 'baardelijk' overkomen en skeptici zoals Michiael Persinger, beschouw ik Kuhn als een waar scepticus. Omdat hij in tegenstelling tot genoemde in een twijfelende, meer agnostische, en zoekende houding blijft. Met Dennett en Persinger ben je snel klaar. Ben je echter gepassioneerd, door het leven en het zoeken naar een hogere zingeving, bezwaard het bestaan van God je als het ware. God wordt problematisch..
 
Kuhn zegt op het einde van déze (onderstaande) zoektocht, dat het geloof noch het niet geloof in God enige zin biedt. Daarmee geeft Kuhn het niet op, hij is één van die zinzoekers die wellicht hun hele bestaan worden voortgedreven door de vragen van zin en betekenis - en is er iets als een waarom? Waarom jij of ik besta, waarom alles bestaat, waarom is er een heelal? De realiteit is niet, wat menige s'K'epticus al te makkelijk stelt, je komt tot een zekere conclusie en doet het daarna af. Nee, voor veel mensen is het daarmee nog 'niet klaar', de huidige realiteit laat overigens ook weinig hoop en troost over. Naarmate mensen het schrijnende in hun leven ervaren of in de wereld, gaan ze een verlangen koesteren, een hoop naar een beginsel, een bepaalt wezen, een alles overstijgend iets.
 
In tegenstelling tot al te lichte gelovigen, is het geloof in God een bijzondere opgave, ik zou het willen onderscheiden in mensen die niet echt willen nadenken, en mensen die wél willen nadenken. Als je wél wilt denken, is het bestaan van een veronderstelde God niet gemakkelijk. Dit kán ook niet, want hoe plaats je een volmaakt principe (om het beladen woord God even weg te laten en het te vervangen in principe of wezen) in een wereld, waar al het geschapene het geschapene zelf heeft als hoofdzakelijke voedselbron, dat lijkt eerder het meest wrede martelplan van een afschuwwekkend wezen, maar niet van een voorstelling van een volmaakt goed wezen.
 
(Bekijk  die zoetsappige natuurfilms maar eens en dan nog op de EO, de natuur is toch echt afschuwwekkend.)
 
De denkende gelovige heeft het dus niet gemakkelijk.
Naast de alles verklarende wetenschap: In de onderstaande zoektocht heeft een persoon het over de onperfectheid van alleen een natuur, het is een gevoelsmatige waarheid - hoewel de ene mens daar gemakkelijk mee kan leven, maar het kan ook worden ervaren als een onperfectheid, het geloof in God maakt niet alleen de puzzel compleet maar legt daar als het ware een kleurrijke nevel overheen, het neemt de hardheid weg (die je ervaart.) Desondanks willen mensen zichzelf niet voor de gek houden, al zou het fijn zijn je een dergelijk wezen voor te stellen. Persinger zou er eerder diep van schrikken, laat hij weten als hij erachter kwam dat God bestaat.
 
Ik vind het ergens vreemd, want elke dag en bij elke ademtocht besta je in een onvoorstelbaar heelal, wetenschappers komen niet verder dan wat zoeken naar allerlei mechanismes en principes in dat heelal, maar ook zij zijn niet in staat ooit het complete plaatje te verklaren of het complete verhaal te vertellen : 
  

maandag 6 november 2017

De God van de onlogica

Een bepaalde wijze van Godsbeschouwing - die je o.a. terugvindt op het blog van 'Wider Útsjoch' is het beschrijven van God als onlogisch en absurd. 'God' neemt geen deel aan de menselijk -universele- logische denkwijze, andersom kan de mens door zijn -universeel- logische denkwijze niet anders, dan God te beschrijven als absurd. Het benoemen van een absurdheid kan natuurlijk ook een menselijke tekortkoming zijn.
Wat je absurd noemt is het gegeven dat de menselijke geest niet alles kan doorgronden, dat is één redenering. Een ander redenering is dat de mens vastloopt binnen zijn logische/rationele denkwijze, als hij meent dat hij daarmee het "al" kan beschrijven. Hierop stuiten dan weer een heleboel meningen, waarvan de ene meent dat men via de ratio en de logica daadwerkelijk alles kan beschrijven, en de ander dit wederom weerlegd. Uiteindelijk lopen deze discussies al jarenlang vast, het zijn de telkens dezelfde doodlopende paden. Die voortdurend opnieuw het 'leven' wordt ingeblazen.

Degene die beweert dat het ganse van de werkelijkheid kan worden beschreven volgens dezelfde regels van menselijke logica, trekt eigenlijk een merkwaardige conclusie, om dat te beweren moet je min of meer zeggen, dat de werkelijkheid exact verloopt volgens de menselijke beschrijving(en) ervan. De geest of bewustzijn is dusdanig gekoppeld aan de werkelijkheid, dat hij deze tot aan de grond kan verklaren en bevatten. Dat je als mens alles kunt verklaren door je eigen modellen en beschrijvingen is zo sterk, dat het om bewijs vraagt. (Hoewel rationalisten telkens vragen om het tegendeel te bewijzen, zijn ze niet in staat om hun eigen stellingen te bewijzen.)

Heeft de natuur de mens ingehaald?
Moderne natuurkundigen beschrijven reeds ingrijpende verschijnselen in de natuur als mogelijkheden waarop de werkelijkheid zou kunnen bestaan, in meer dan de ons bekende dimensies bijvoorbeeld. Kwantumverschijnselen drijven de spot met de menselijke logica. Hoewel men ook dit telkens tracht te ontkrachten, krijg je van vooraanstaande geleerden duidelijk te horen dat dit zo 'is'.
Maar misschien is het dan nog een hele onderneming om met bewijskracht te veronderstellen, dat de ware aard der werkelijkheid de spot drijft met de menselijke rede en logica, - ik heb daar weinig moeite mee, het ontstaan van het heelal uit niets is reeds volslagen onbevattelijk en onbevattelijk genoeg..

Inmiddels is het eer de vraag, of laatste iets moet bewijzen, moet je bewijzen dat er absurde verschijnselen bestaan of is dat reeds lang bewezen? (Dit is dan weer een welhaast gevaarlijke strijdgrond als je af en toe de dubbelhaakse bijna agressieve reacties elders doorneemt.)

Alle godsfilosofen de weg kwijt..
Voor hedendaagse theologen en filosofen is het tamelijk duidelijk, dat zij niet echt meer weten waar of hoe zij een opperwezen moeten plaatsen, Taede Smedes (philosopher of religion, theologian, journalist, writer) verdedigt harder de evolutie dan het geloof in God, en trekt geregeld ten strijde tegen creationisten en andere gelovigen. Volgens -Wider Útsjoch- is het geloof in God alleen nog een achtergebleven sentiment van Smedes (eerder stukje). Andere vertegenwoordigers van de kerk weten het ook al jaren niet meer, dominee Klaas Hendrikse (Trouw) kampt met zulk achtergebleven sentiment:
'Een atheïst ontkent het bestaan van een ’theïstische God’: een almachtig, alwetend, alomtegenwoordig persoonachtig Wezen. Voor hem is daarmee de kous af. Voor een gelovige begint het dan pas: God bestaat niet. En dan? Is er dan nog iets te geloven? Kun je geloven in een God die niet bestaat?' Stukje uit de link (Trouw.)
Ik begrijp niet echt hoe een gelovige dan pas begint? Welke basis kun je nog verdedigen aangaande een Godsbesef, als je het almachtige alwetende alomtegenwoordige aspect van God wegneemt? (Om bij het concept 'persoonachtig' nog wat twijfels te laten, maar doe je het persoonachtige mede weg, heb je het hooguit nog over natuurelementen.) *Het hele stuk uit Trouw is overigens lezenswaard.

Het geloof in God is in hedendaagse tijden niet meer al te gewoon, waar plaats je God, náást de natuur, de natuurlijke verklaringen voor deze natuur, en heeft deze natuurlijke verklaring nog meer nodig dan wat zij in zichzelf verklaard?
Of kun je de natuur doodgewoon laten voor wat deze 'is', inclusief Darwin en verklaringen, omdat God immers geen deel is van de natuur maar van een bovennatuur.
We maken van God een aard 'wees', door hem te ontkoppelen aan de natuurlijke werkelijkheid, hoe bevredigend is dat?
In elk geval worstelen zo de velerlei 'godsgeleerden' door hem ergens een plek te geven, of men sluit hem helemaal uit van de natuur zonder zich af te vragen wat dan nog de betekenis ervan is voor de mens.

Voor veel mensen is het geloof in God meer dan een vervlogen sentiment (daarom betwijfel ik of Jan Riemersma gelijk heeft aangaande zijn mening over Taede Smedes), ook al verandert een specifiek geloof, en spreken Bijbelverhalen niet meer aan :
'Alle religies en godsdiensten vinden hun oorsprong in de grote levensvragen van geboorte en dood, van zin en lijden, van liefde en teleurstelling. Verder zullen ze en hoeven ze niet te komen. Dat geloven iets van doen heeft met antwoorden krijgen, is een misvatting die stamt uit de tijd van de Catechismus. We weten inmiddels beter.
De vragen die het leven openlaat, zijn ook met behulp van God niet te beantwoorden. Over een tsunami of een tumor moet een theoloog zijn mond houden. Levensvragen kunnen alleen geleefd worden. En de werkwoorden die daarbij passen zijn eerder zoekend en tastend dan bevestigend.
Daarom is geloven ook nooit gemakkelijk, er zit altijd een brede rand omheen van niet-weten.
Uiteindelijk vertrouw je je toe aan iets ongrijpbaars. En aan de hoop en het vertrouwen dat dat niet tevergeefs is. Dat je er het leven mee aankunt. En uiteindelijk ook de dood.' (Trouw.)
Helemaal waar is de op zich mooie belettering niet,  "Over een tsunami of een tumor moet een theoloog zijn mond houden", is volledig is strijd met datgene wat menige gelovige gelooft - het is gemakkelijk de mond te houden, maar leg als gelovige maar eens uit waarom God dan 'tsunami's en tumoren' toelaat? Die vraag mag wel degelijk worden gesteld (je lost het niet op door daar een taboe van te maken.)

Verder klopt het, dat levensvragen hooguit geleefd kunnen worden, en dat de mens uiteindelijk slechts zoekende en tastende is. Laatste citaten zijn daarentegen mooi afsluitend: Uiteindelijk vertrouw je je toe aan iets ongrijpbaars. En aan de hoop en het vertrouwen dat dat niet tevergeefs is. Dat je er het leven mee aankunt. En uiteindelijk ook de dood.

Voor filosofen die met enige verbale agressie zo graag godsargumenten op tafel willen leggen, is bovenstaande uiteraard niet genoeg, maar er is geen argumentatie die dusdanig sluitend is dat zij met geen mogelijkheid kan worden betwist. Dat is de valkuil van godsargumenten.

Hoeveel goden hebben we inmiddels: Er is de "God van de gaten", de "niet bestaande" (maar wel 'zijnde'/?) God, en zo nodig de God van de absurditeit (DLT.)

Om een "absurde" God hard te maken moet de godsfilosoof bewijzen dat de werkelijkheid op of in zichzelf absurd is. Of dit argument deugt vraag ik me maar af. Ik heb geen idee of ik moet bewijzen dat de werkelijkheid absurde gronden heeft om daar een 'God' in te kunnen plaatsen. Dit concept of deze claim legt in dit geval 'DLT' zichzelf op. God zou, in plaats van absurd eenvoudigheidshalve ook onbevattelijk kunnen zijn. Dit onbevattelijke is niet gelijk absurd.

De term absurd kan verschillend worden opgevat, sommige beschouwen iets dat absurd is als onvolmaakt, gebrekkig desnoods, anderzijds kan het absurde juist als verwijzing gelden naar een bovennatuur, het absurde als bovennatuur leidt dan tot het 'volmaakte'. Maar de term op zichzelf komt over als een groot tekort...

Per slot (7/11):
Godsargumenten zijn soms in hun hardnekkigheid een fictie van filosofen, ten ene is het onmogelijk dat ooit iemand Gods bestaan kan bewijzen, ten andere trachten filosofen via Godsargumenten een waterdicht louter intellectueel bewijs aan te dragen, dat het bestaan van God 'bewijst'. Het is temeer onlogisch, dat je daarvoor hetzelfde intellect en dezelfde logica gebruikt, waarvan je zegt, dat het intellect en de logica óntoereikend is, juist om Gods bestaan te bewijzen. Je hanteert dus een wat dubbele methode, omdat je van hetzelfde intellect en dezelfde logica gebruik maakt, waarvan je  nu stelt dat dit beperkend werkt.

Godsargumenten zijn teneinde doodvermoeiend. Mensen die God willen bewijzen wijken eigenlijk niet af van hun intellectuele 'medebroeders' in de wetenschap, ze accepteren niet dat ze op een terrein verkeren waar nu eenmaal niets meer kan worden bewezen. De drang naar het bewijs is niet verschillend van de drang van de mens om alles te willen bewijzen. Waarschijnlijk omdat het geloof een (gevaarlijke) tegenstander heeft, de wetenschap van bewijsbare feiten. Maar wanneer je het hebt over transcendente of bovennatuurlijke zaken, heb je het niet langer over bewijsbare feiten. Dat je bewijsbare feiten kunt vervangen door een vorm van intellect, die een idee of concept in elkaar puzzelt, wat even bewijskrachtig zou zijn, als een bewijsbaar feit vergelijk wetenschap, is een fictie.

woensdag 25 oktober 2017

Godsargumenten /b.

In 'Een absurde God' zegt de lachende theoloog
'Het brein bekijkt de werkelijkheid als een toneel waarop het lichaam moet acteren. Wij ordenen onze inzichten dan ook logisch. (..)  We bekijken de werkelijkheid dus door een logisch vergiet.
Hebben we goede redenen om te denken dat dit vergiet niet alleen praktisch is maar ook waarachtig?
Zijn antwoord daarop is:
Nee, want: (1) het zou buitengewoon toevallig zijn als onze denkwijze overeenkomt met de inrichting van de werkelijkheid; wij zijn geen uitverkoren diersoort dat mag beschikken over een waarachtige denkwijze; de logische regels zijn ons 'besturingssysteem': waarom zou ons besturingssysteem overeenkomen met hoe de werkelijkheid is ingericht? de werkelijkheid hoeft niet te handelen; (2) niemand kan antwoord geven op de vraag wat de grondvorm van de werkelijkheid is (...)
Verder stelt hij:
Hoe is het dan mogelijk dat onze denkwijze 'werkt'?
Het 'werkt' omdat de logische wetten geschikt zijn om de interactie tussen lichaam en wereld regelen. (..) 
Conclusie: de werkelijkheid zelf is overvloediger en groter dan onze logische wetenschappelijke modellen (kunnen) weergeven. Uit twee domeinen bestaat de werkelijkheid: een logisch natuurlijk domein (zoals wij de wereld zien) en een niet logisch bovennatuurlijk domein (de orde die wij over het hoofd zien).' ..........
DLT: Een absurde God.

Het is natuurlijk niet de bedoeling dat ik zijn complete tekst ga citeren. Zijn tekst komt een beetje overeen met de vraag in Closer to Truth:  Is Mathematics Invented or Discovered? (in deze link.)


Dit behelst de kwestie of de mens, het intellect en de wetenschap de werkelijkheid beschrijft, of deze uitsluitend invult. Is wiskunde bijvoorbeeld de taal van de werkelijkheid, anders gezegd, bestaat de werkelijkheid 'zelf' uit en in een wiskundige taal? Deze aanname zou vér gaan, het schijnt eerder logisch aannemelijk dat de werkelijkheid in zichzelf niet is opgebouwd middels wiskunde, of moeilijke menselijke berekeningen.

Ongeacht het feit dat een mens de afstand tussen laten we zeggen twee sterren op een tiende van een millimeter exact kan bepalen. Deze exactheid in het beschrijven van ruimte afstand en het beschrijven van principes en beginselen (natuurwetten) zou je waarschijnlijk meer logisch kunnen toeschrijven aan bewuste menselijke vindingen, en manieren om iets te beschrijven, teneinde uiteindelijk allemaal met praktische doelen (eenmaal een afstand berekent kan men bepalen hoe deze te bereizen).

Toch geloven in elk geval sommige wetenschappers dat mathematiek de realiteit beschrijft. De beschrijving van de realiteit heeft zijn grond in de praktische uitwisseling, deze praktische uitwisseling geeft het idee dat men niet alleen iets berekent en verklaard, maar er ook mee kan interacteren. Het wordt daardoor een bepaalde kwestie of de mens uit de realiteit wetten en theorieën en berekeningen heeft 'bedacht' of deze realiteit daadwerkelijk beschrijft.


Dat de mens de plank niet zomaar misslaat is wel duidelijk, hij beschrijft de werkelijkheid op een manier waarmee hij praktisch kan werken. Maar de vraag is daarmee, beschrijft hij de 'werkelijkheid'  of de totaliteit van zijn eigen beschrijvingen daarvan? (De beschrijving is niet het eigenlijke.)

Het eigenlijke (als het ware) zou fundamenteel anders en verschillend kunnen zijn, volgens DLT "absurd" (zelf neig ik ertoe zoals eerder, het absurde te zien als een menselijke tekortkoming.)
Je hoeft zoals hij het stelt, niet in de praktijk te leven met de "werkelijkheid", maar uitsluitend met dát stukje dat je fysieke aardegebonden leven uitmaakt, met betrouwbare logische wetten en regels.

Volgende vraag kwam nu spontaan bij me op: Maakt DLT (J.A.Riemersma) van de werkelijkheid iets dat mogelijk mystiek is, is het beginsel dat we nu 'de werkelijkheid' noemen van een onlogische absurde aard, zoals je dan een transcendentie zou beschrijven?


Wat je verder bespeurt, lijkt op een "afstand", een kloof (natuur en bovennatuur als twee geheel verschillende domeinen)  ik kan als mens niet met mijn uitrekkende hand en vingers ráken, aan de transcendente aard, als deel van de onbevattelijke 'werkelijkheid'. Daarbij de vraag of dit terecht is?

Hoe het ook zij, dit blijven interessante vragen, de reden dat je 'blogt'.....

maandag 23 oktober 2017

Godsargumenten

Enkele recente stukjes van Wider Útsjoch , waarachter Jan Auke Riemersma in zijn schier eindeloze zoektocht naar het ontwikkelen van een denkwijze (daar komt het op neer) die alle fronten met zich kan verenigen,  (ik geef voor mezelf alleen toe, dat het wat vermoeiend gaat werken omdat het in feite constante cirkelredenaties zijn.)

Kun je met alle fronten samen...
Met alle fronten is het moeilijk, je moet welhaast verschillende tegendraadse wegen bewandelen, wetenschap accepteren, naturalisme en evolutie, en tegelijk geloven dat er een transcendentie bestaat. De logica die je daarbij hanteert is in zichzelf een manier van denken, simpel gezegd voor de een kan wetenschap en God niet samengaan en voor de ander zeer wel. Ze gebruiken blijkbaar een ander soort logica. De 'derde' ziet niet perse tegendraadse wegen..

Eerder schijnt het zo, dat Jan Auke zijn logica hier tot waarheid verheft, waaruit God uitsluitend kan voortkomen als een paradox of een volledige strijdigheid. Daarom is God volgens hem "absurd".

Waar hij dan nog mee heeft te kampen is met de vraag of er absurdheden kunnen bestaan? Nogmaals, voor een ander is er géén sprake van een absurdheid. (De absurdheid -vaststelling- is in zichzelf onderworpen aan een specifieke denkwijze. Absurdheden denk je.)

God als eerste oorzaak van alles..
Je zou God kunnen beschouwen als éérste oorzaak van alles, dat legt bijvoorbeeld evolutie niks in de weg, de éérste oorzaak van alles zegt helemaal niks over details, over de opsomming van atomen en cellen en weefsels en structuren. Of over iets specifieks zoals "ogen".
Alles ligt klaar in een oersoep van de kosmos zelf. (Die oersoep is er a.h.w. neergelegd door God.)

Het alles lijkt veel meer op een Ontwerp dan op toevalligheid..
Zelf heb ik nooit volledig geloofd dat principes van toeval en willekeur zowel aan het kosmische begin, zijn expansie  als in het leven op aarde de algehele structuur verklaard en complexiteit van het alles.
Ik sluit een sturende macht niet uit. Deze 'sturing' zou je echter niet hoeven op te merken, God bepaalt niet de aardworm (het detail), maar het uiteindelijke ligt min of meer besloten. Daaruit zou je kunnen opmerken dat de mens of het menselijk bewustzijn een gevolg was van deze sturing.
In deze visie staat geloof in God en de erkenning van evolutie elkaar niet in de weg.

Enerzijds wil je de wetenschappelijke verklaringen niet storen, en anderzijds een Goddelijk principe niet uitsluiten.

Wat zegt wetenschap..
De wetenschap zegt niks over God, dat lijkt wel zo maar het schijnt eerder een vaststelling aangaande atheïsten en scepticisme. Een zuivere wetenschap onderzoekt uitsluitend wat onderzoekbaar is, en laat niet onderzoekbare bestaaanskwesties buiten beschouwing. In die zin zegt de wetenschap niks over God. God is gewoonweg niet het domein van de wetenschap.

God zou in principe 'altijd' naast - of buiten -  wetenschap kunnen bestaan, er is geen wetenschappelijke verklaring mogelijk (of zelfs nodig) die het bestaan van God 100 procent uitsluit. Je moet je daarom ook afvragen of het hier gaat om een contradictie, ik zie die contradictie ten ene male niet..

Iets kan zeer goed bestaan, naast het gegeven dat er iets fundamenteels anders bestaat, het bestaan van het ene sluit het bestaan van het fundamenteel andere niet uit. Er zouden naast onze aard van realiteit volledig andere soorten van realiteiten mogelijk zijn, deze botsen noch op elkaar noch conflicteren. Ze hebben elk hun eigen 'aard van zijn'. Dit erkent zelfs de wetenschap.

Dan volgt, in elk geval voor mij de vraag, kan het ene bestaan zowel in zichzelf als tegelijk besloten in het andere? Kan God (of een hoogste beginsel) zowel buiten alles bestaan, buiten materie ruimte en tijd, en tegelijk deelnemen aan/in de materie?
Ook hier zie ik voor mijzelf geen conflict.

De mens kan zowel natuurlijke als transcendente eigenschappen hebben. De natuurlijke eigenschappen conflicteren niet met de transcendente eigenschappen, ze nemen elk hun gescheiden positie in. Welke invloed zij beide op elkaar hebben is overigens onduidelijk. Maar voor bepaalde mensen wel degelijk voelbaar. Hierbij gaat het om bepaalde universele ervaringen, ook wel Godservaringen. Ik geloof niet zo in de 'strikte scheiding' van DLT.

Dat de mens of de wereld niks merkt van Gods bestaan en zijn invloed op het alles, is eigenlijk maar grof geredeneerd. Ik betwijfel dat God een groep mensen lege manden vol met vissen tevoorschijn tovert, God is niet een God van tovertrucs. Wel kan ik geloven dat God of het goddelijke zoveel subtieler werkt.

Het idee van contradictie is eigenlijk vreemd. Het is alsof je zegt dat graviteit en water niet samen kunnen bestaan, want graviteit en water zijn fundamenteel verschillende 'dingen'. Zuurstof heeft weer een heel andere kwaliteit. O.k. zeg je snel, maar ze behoren alle tot de 'natuurlijke' dingen.

Natuurlijk en bovennatuurlijk zijn echter ook slechts benamingen, die voornamelijk voor de mens willen uitdrukken dat zij met elkaar conflicteren, niet samen kunnen gaan, het is de mens zelf die tegenstellingen opwerpt. Hij schept zwart en wit, natuur en bovennatuur, het vloeibare en niet vloeibare, een macrowereld en een microwereld. - In zeker zin botst de macrowereld met/op de microwereld. Het ene nemen we waar met de ogen, het andere is voor de ogen onwaarneembaar. Bovendien werkt de microwereld fundamenteel anders dan de macrowereld. Vandaar zou je kunnen stellen dat dit volledig conflicteert.
Je kunt over dit conflicterende een lange filosofische discussie voeren, maar eerder vermoed ik dat het conflicterende neerkomt op het onvermogen van de mens en zijn intellect om schijnbare tegendraadsheden te begrijpen.

Al met al (om dit stukje af te ronden ergens) geloof ik niet dat je zover móet gaan zoals DLT, enkel en alleen om een grond te vinden voor Gods bestaan. God kan gewoon bestaan, heel simpel gesteld.
Wat zou zijn bestaan zich moeten aantrekken van de menselijke filosofen? Of van de 'cultuurshock' van Nietsches woorden dat God dood was? Hoe kan iets dood gaan wat in eerste instantie 'niet bestaat', God is geen materie, in die zin bestaat 'hij niet. Wat niet bestaat kan ook niet dood gaan..

Moet de natuurlijke wereld de transcendentie verklaren? Dit meende men weliswaar middels de primitieve scheppingsverhalen, waar men uit de natuurlijke wereld wilde afleiden dat God bestaat. Er zijn heel andere denkwijzen mogelijk, de natuurlijke wereld bestaat hoofdzakelijk middels zijn eigen grond, wie het zaad in die grond plantte daar gelaten.. Het transcendente (God) bestaat wederom op zijn eigen grond. Het hoeft de natuurlijke wereld helemaal niet te verklaren, beter, daar is geen enkele nood toe.
Dat maakt dat God kan bestaan, ongeacht de natuurlijke wereld en alle verklaringen voor die natuurlijke wereld......

BLOG STOP.

NOGMAALS de vermelding dat dit Blog nagenoeg is gestopt. Hooguit heel af en toe verschijnen nog een post. Men kan het natuurlijk wel terug l...